Cruijff is een Rijnlander, Van Gaal een Angelsaks

Bondscoach coaching handboek voor 16 miljoen Nederlanders

Bondscoach coaching handboek voor 16 miljoen Nederlanders

Het zal weinigen zijn ontgaan dat de verhoudingen tussen Johan Cruijff en Louis van Gaal op zijn zachtst gezegd ‘koel’ zijn. Dat is ‘logisch’. Er worden vele mogelijke oorzaken genoemd maar ik beschrijf een fundamenteel denkverschil tussen beiden dat tot op heden geen aandacht heeft gekregen. In mijn ogen is Johan Cruijff in zijn denken en doen namelijk een typische Rijnlander, terwijl Van Gaal een bijna spreekwoordelijke Angelsaks aan het worden is. En dat leidt onvermijdelijk tot problemen. Niet alleen in het voetbal. Het voetbal biedt echter ook een verrassende oplossingsrichting.

Baas is de baas
Laat ik beginnen met (heel) kort uiteen te zetten wat met Rijnlands en Angelsaksisch denken wordt bedoeld. In de jaren negentig werd duidelijk dat het Angelsaksische besturingsmodel bij veel bedrijven in Europa de overhand kreeg. Het model is terug te voeren tot het midden van de 19e eeuw, toen veel arme en laag opgeleide Europeanen naar Amerika vertrokken voor een beter leven en daar gingen werken in de fabrieken, waar standaardwerk de norm was. De Angelsaksische benadering kenmerkt zich door standaardisatie van processen, vastomlijnde taken en bevoegdheden, controlegerichtheid, de inzet van prestatie-indicatoren en een focus op aandeelhouderswaarde. Men werkt met kwartaalresultaten en is daardoor vaak op korte termijnsucces gericht. Het management van organisaties is vaak niet meer in handen van families of oprichters, maar van ‘professioneel management’. In het kort: de baas is de baas en als het hem of haar niet bevalt, vlieg jij er uit. Maar als de baas geen resultaat boekt, vliegt de baas eruit. Het draait om ‘wat heb ik nu’.

Rijnlands denken
Het Rijnlandse denken kent een nog veel langere traditie en komt voort uit de gilden en de wijze waarop al sinds de Middeleeuwen in Europa in diverse ambachten wordt gewerkt. Het is een traditie die in landen als Duitsland, Frankrijk, België en Nederland (de Rijnlanden) zijn oorsprong kent. Denk aan het gildesysteem van leerling, gezel en meester. Het gaat dan om vakmanschap, persoonlijk meesterschap en professionalisme, eigen verantwoordelijkheid, eer en trots in het werk, (persoonlijke) groei en ‘wat laat je na’.

Meester, gezel, leerling
Johan Cruijff is in mijn ogen een typische Rijnlander. Hij is de meester, zijn gezellen zijn Van Basten, Rijkaard, Guardiola en Koeman en de leerlingen zijn de spelers van Barcelona en Ajax. Je coacht spelers totdat ze op eigen benen kunnen staan. Het is beter om te worden herinnerd om de stijl van voetballen dan om de behaalde overwinningen. Het gaat om techniek, om iets uitzonderlijks neerzetten. De coach is de baas, maar in het veld zijn de spelers de baas. Wie een fout maakt wordt (achteraf) gecorrigeerd. Je kan verliezen, maar dat is eigenlijk niet zo erg als er maar goed is gespeeld. Je wint wedstrijden door creativiteit en door de, om Cruijffs woorden te gebruiken ‘exceptie’ (een exceptionele speler zoals El Salvador zelf of Van Basten, Messi etcetera).

Typerend voor het Rijnlanderschap van Cruijff is de volgende uitspraak over Van Gaal, die hij nog onlangs maakte: ‘‘Het verschil met mijn visie is dat hij altijd veel dingen voor mensen regelt, waar ik uitga van hun specifieke kwaliteiten om mijn doel te bereiken. Dat is een andere manier van denken. Ik vind het altijd mooi als spelers zelf iets doen. En als het verkeerd uitpakt, dan probeer je het te corrigeren. Hij is meer van het organiseren.” Cruijff is de man van ‘Toeval is logisch’.

Coach als CEO
Louis van Gaal daarentegen is in mijn ogen een typische exponent van de Angelsaksische school. ‘Kwaliteit is toeval uitsluiten’, aldus de huidige coach van Manchester United. Voetbal is meetbaar en de looplijnen van iedere speler worden uitgewerkt. Het gaat om de organisatie in het veld en om de taken die moeten worden uitgevoerd. De conflicten die Van Gaal hierover heeft en heeft gehad met topspelers uit zijn teams hebben een structureel karakter, van Rivaldo tot aan Toni, Ribery en momenteel Falcao. De relatie met spelers is cruciaal voor Van Gaal (Totaal Mens Principe), maar bij de grote spelers gaat het vaak juist fout. Er zijn specialistische coaches die de hoofdcoach ondersteunen en die precies weten wanneer een speler te dik is of zich buiten de afgebakende paden heeft begeven.  Dat is een typische gedachtegang voor professionele managers, voor Van Gaal én van de Angelsaks. Je hebt geweldig gespeeld als je hebt gewonnen. De coach is de baas. De resultaten zijn leidend. Je wordt herinnerd om de resultaten, niet om het spel. Je wint wedstrijden door te oefenen op standaardsituaties en door goed te trainen en te luisteren naar de trainer. Bij winst gaat veel eer naar de trainer, bij verlies ligt de schuld veelal bij spelers die ‘hun taken niet goed uitvoerden’. Of bij de pers natuurlijk, die het allemaal sowieso niet begrijpt. Het toeval moet worden uitgesloten. De coach is hier een CEO.

Die Qual der Wahl
De vraag die nu bij velen op de lippen ligt is, wat is beter, wat heeft het meeste succes? Het antwoord? Allebei. Maar tegelijkertijd, dan wordt het moeilijk. Het zijn twee uitersten die moeilijk te combineren zijn. Er zijn veel voorbeelden van succesvolle Rijnlandse bedrijven: Porsche, VW, Philips, AkzoNobel, Nestle, ABB, Peugeot-Citroen. En van succesvolle Angelsaksische bedrijven: Apple, Microsoft, IBM, GE, GM, Ford. Beide benaderingswijzen kunnen werken, maar niet overal en altijd. En daar zit ‘m dus de kneep. Want de Angelsaksen hebben grote problemen de Rijnlanders te begrijpen (‘die gaan al om 5 uur naar huis en hebben alleen maar vakantie’), de Rijnlanders begrijpen weinig van de Angelsaksen (‘die denken alleen maar aan geld en indicatoren en werken dag en nacht’).

Van Gaal en Cruijff zullen elkaar daarom nooit begrijpen. Men zegt respect te hebben voor elkaar, maar eigenlijk vinden ze elkaars benadering geleuter. Ze staan op hun eigen grond en daar zijn ze heer en meester en dulden geen tegenspraak. En ze hebben allebei gelijk. Want ze hebben allebei veel succes (gehad). Natuurlijk, Cruijff zal wat Angelsaksische elementen toevoegen aan zijn stijl, mede door zijn ervaringen als speler in Amerika en Van Gaal kan niet geheel los worden gezien van de Nederlandse school. Het gaat om de trend en de grote lijn. Ook Van Gaal zegt dat hij aanvallend en dominant wil spelen en soms lukt dat fantastisch. De laatste jaren echter lijkt het resultaat heilig, zowel bij Oranje als bij Manchester United. Niets mis mee! Alleen wel een andere stijl.

Moeilijk wordt het dus wanneer een Rijnlander iets Angelsaksisch moet doen of omgekeerd.

Angelsaksisch model Rijnlands model
Bij samenwerking moet iedereen zijn taak kennen Bij samenwerking moeten we allemaal hetzelfde doel voor ogen hebben
Je moet mensen sturen op het resultaat van hun handelen Je moet mensen sturen op de intenties van hun handelen
Of we het doel halen is sterk afhankelijk van het proces Of we het doel halen is sterk afhankelijk van onze betrokkenheid
Het is belangrijk dat het proces goed is vastgelegd en wordt nagevolgd Regels zijn een middel, geen doel
 Functiesplitsing als norm Vakmanschap als basis (specialisatie; improvisatie)
 Controle, discipline en enige argwaan zijn functioneel Ruimte en vertrouwen geven zijn functioneel
 Weten is meten (alleen wat we kunnen meten is waar) Meten is weten (als je iets kunt meten, weet je meer)

(*) ontleend aan ‘Commitment’ (Vergouw, 2013); pag. 141; diverse bronnen.

 

Redding door de Duitsers
Is er toch een succesvol voorbeeld te noemen van een team dat aangestuurd wordt op basis van Rijnlandse EN Angelsaksische methoden? Dat zou namelijk een winnende combinatie kunnen zijn en een oplossingsrichting kunnen bieden aan organisaties waar een, met de tussen Cruijff en Van Gaal, vergelijkbare stammenstrijd woedt. Een strijd die vaak desastreuze gevolgen heeft voor de motivatie van het personeel, en voor de resultaten. Het voorbeeld ligt onverwacht dichtbij, namelijk in Duitsland.Toen die Mannschaft begin deze eeuw de ene nederlaag na de andere opstapelde en roemloos ten onder ging tijdens WK’s en EK’s (1998-2000) besloot de Duitse bond DFB het over een andere boeg te gooien. De Duitsers werden dan nog wel tweede op het WK van 2002, maar dat was vooral een gelukstreffer en men was niet echt trots op de prestatie. Daarom moesten voortaan oude Duitse kernwaarden als Kampfgeist, Einsatz, Willen, Ordnung en Leidenschaft gemixt gaan worden met het mooie, technische voetbal van Nederlanders en Brazilianen.

Kentering
De man die voor de kentering moest gaan zorgen was Jürgen Klinsmann, in Nederland vooral bekend om zijn vele Schwalbes, maar in zijn goede tijd als speler een levensgevaarlijke spits. Klinsmann woonde inmiddels met zijn Amerikaanse vrouw in Californië en had veel opgestoken van de daar heersende trainings- en coaching methoden in top-sporten als American Football en Baseball. De in Duitsland opgegroeide Klinsmann verenigde als coach van het Duitse elftal daarna vanaf 2004 zowel de Rijnlandse als de Angelsaksische gedachtegang in zich. Zijn opvolger Joachim Löw bleef deze lijn volgen en perfectioneerde deze.Het behalen van het wereldkampioenschap 2014 van die Mannschaft komt daarom niet uit de lucht vallen. Het is een resultaat van de mix van de oude Duitse Tugenden, de focus op techniek van Nederlanders, Fransen en Brazilianen en de inzet van wetenschappelijke kennis, gebaseerd op de Angelsaksische cultuur van indicatoren en cijfers. Zo krijgt de Duitse Nationaltrainer al tijdens de wedstrijden belangrijke informatie over het verloop dankzij de inzet van SAP-software. Voor wie dat niet romantisch vindt en liever hoopt dat een groepje avonturiers een titel wint, heb ik slecht nieuws. Zonder intensieve inzet van wetenschappelijke kennis wint naar mijn stellige overtuiging bij het WK over vier jaar geen enkel team ook nog maar één enkele wedstrijd.

De crux van het verhaal
Cruijff en Van Gaal vertonen specifiek eigenschappen van enerzijds het Rijnlandse en anderzijds het Angelsaksische model; deze grondwaarden zijn moeilijk te combineren en sluiten elkaar vaak grotendeels uit; De ruzie van Cruijff en Van Gaal is dus ‘logisch’ en komt in veel organisaties met een mixvorm van beide benaderingswijzen voor.Een crisis kan bijdragen in te zien dat een mix van beide methoden wellicht ook winnend kan zijn. Daartoe is sterk leiderschap nodig die deze culturele samensmelting aandurft, een open mind heeft en niet alleen de benadering goed vindt waar men zelf in groot is geworden. Makkelijk is dat zeker niet. Respect voor zowel de Angelsaksische als Rijnlandse benadering kan leiden tot grote successen. Het is niet of/of, maar en/en. Beide ‘kampen’ kunnen veel van elkaar leren. Wie durft?

In mijn boek ‘Bondscoach’ ga ik nader in op de voor (bonds-)coaches benodigde managementcapaciteiten; het boek is beschikbaar via Voetbal International, Bol.com en managementboek.nl of de beter gesorteerde reguliere boekhandel.

Literatuur:
De Strafschop, zoektocht naar de ultieme penalty; Elsevier, 2e druk, 2003.
De laatste minuut, de 7 mythen van het Duitse voetbal; Bzztoh, 2006.
Commitment, de belofte van betrokkenheid en bevlogenheid in organisaties; Boom/Nelissen, 2013.
Bondscoach, coaching handboek voor 16 miljoen Nederlanders; Voetbal International 2014.
Cultuurverschillen hanteren. Kennisbank ManagementSite.Zie ook: http://www.strafschop.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *