Culturele sector op zoek naar samenwerking

Deze post is het vervolg van de eerdere posting ‘Kunst tussen crisis en kans. Eerder werd het gehele artikel geplaatst in Den Haag Centraal, met medewerking van grote culturele instellingen in de Hofstad, waaronder Koninklijke Schouwburg, Gemeentemuseum Den Haag, Circustheater, literair-theater Branoul, De Appel, Galerie Project 2.0 en het Residentie-orkes. Dit onderdeel gaat over samenwerking, soms zelf gezocht, soms gedwongen door omstandigheden. Welke mogelijkheden zien de instellingen om zaken samen te voegen, te fuseren of om gezamenlijk kosten te reduceren?

De culturele instellingen zien het belang van samenwerking nadrukkelijk in. Van de Oever noemt het zelfs essentieel voor het welslagen van cultureel ondernemerschap. ‘Ik wil het gebied rondom Noordeinde aantrekkelijker maken voor het publiek, daar zijn alle ondernemers in de omgeving mee gebaat. Het samenwerkingsverband BIZ voor dit gebied is een mooi voorbeeld hiervan. Het heeft mij jaren gekost om iedereen mee te krijgen, maar nu kunnen we als ondernemersvereniging ook echt een vuist maken. Voorwaarde is vertrouwen, maar juist dat ontbreekt nog wel eens in de culturele sector. Ik ben van mening dat er voor elke instelling een eigen publiek is, een eigen profiel, dan hoeft samenwerken niet te bijten, integendeel. De instellingen kunnen van elkaar leren en elkaar versterken, ook in de aantrekkingskracht op een breder en groter publiek.’ Dat samenwerking een must is, beseft ook Kremer, ‘We zoeken het ook in samenwerking met bijvoorbeeld het Rotterdams Philharmonisch Orkest, uitwisseling van musici bijvoorbeeld maar ook in het ontwikkelen van complementaire artistieke profielen. Dat leidt vanzelf tot een eigen profiel, waarbij het Residentie niches heeft opgezocht zoals oude muziek of nieuwe, 20e eeuwse muziek. Het Rpho speelt voornamelijk laat romantische, grote stukken en het Residentie Orkest meer vroeg romantische composities, die ook met kleinere bezetting te spelen zijn. De profielen vullen elkaar dan aan en dan bijt je elkaar niet, niet qua publiek maar ook niet voor wat betreft de verantwoording naar subsidiegevers.’ De toneelwereld laat zien hoe samenwerking vormgegeven kan worden door de fusie van Het Nationaal Toneel met de op jeugdvoorstellingen gerichte toneelgroep Stella.

Oscar Wibaut van de Koninklijke Schouwburg juicht deze allianties toe. ‘Er moet wel duidelijk zijn wat de doelstelling is en dat er een gemeenschappelijk voordeel te behalen is door de samenwerking. Op het gebied van fondsenwerving werken wij nu nauw samen met Het Nationaal Toneel. Het is duidelijk dat als we dit beiden zelfstandig zouden blijven doen, de inefficiënties groot zouden zijn, om te beginnen met een dubbele bezetting van de wervers. Samen kunnen we het kunstmecenaat daarnaast een sterker aanbod bieden.’ De gesubsidieerde instellingen staan verrassend genoeg niet alleen in hun streven naar verdergaande samenwerking.

Directeur Hendrik Wassenaar van het Circustheater geeft aan dat ook voor een instelling die voor 100% op eigen inkomsten draait, samenwerking belangrijk is. ‘Nauwe banden met de gemeente Den Haag zijn bijvoorbeeld essentieel, ook in het kader van Citymarketing. Den Haag is dé musicalstad van Nederland. Daar mag de stad best wat trotser op zijn. De diversiteit en variatie aan cultureel aanbod is hier groot. Laat dat merken, daar heeft iedereen voordeel van, niet alleen de culturele sector. Het Circustheater heeft bezoekers uit heel Nederland, die vaak ook nog eens blijven overnachten in een hotel. Een scherpere focus, samenhang en trots zou versterkend zijn voor de culturele uitstraling van de stad. Samenwerking kan in de vorm van nog betere afstemming van de programmering. Intern is ook beter naar de exploitatie gekeken en door betere afstemming met de andere werkmaatschappijen van ons concern heeft dit tot een aanzienlijke bijdrage in de exploitatie geleid’.

Een mogelijkheid om nieuw en meer publiek te trekken is de expatmarkt van ca 50000 mensen in en rond Den Haag. Deze wordt onvoldoende en niet specifiek bediend. Deze wordt door de geïnterviewden ook als lastig gezien, maar hier moet een uitdaging voor alle culturele instellingen liggen om hier gemeenschappelijk met elkaar op te trekken. Ook zal de Gemeente Den Haag hier een actieve voortrekkersrol in moeten nemen, om ook haar kansen te vergroten om tot de culturele hoofdstad van Europa in 2018 verkozen te worden. Dit ook als ondersteuning van het City Marketing beleid van de gemeente Den Haag.

Dit is het tweede deel over de kunstensector in de crisis, deel 3 verschijnt begin volgende week.

Het artikel is geschreven door Rob de Wit, Lizet Baars en Gyuri Vergouw, die tezamen The Artifacts hebben opgericht, een adviesbureau dat kennis van cultuurkenners, cultuurdragers en adviesprofessionals samenvoegt om de culturele sector op zaken als ondernemerschap, doorlichtingen, efficiency en her-oriëntaties te ondersteunen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *