Eigenaarschap (1)

Het is een onderwerp dat ik steeds vaker tegenkom in mijn dagelijks werk: eigenaarschap of ownership. Niet zo gek natuurlijk als je zelf actief onderwerpen als commitment, betrokkenheid en bevlogenheid propageert. Opvallend blijft het desondanks wel. Blijkbaar lopen veel managers en medewerkers met een grote bocht om het bewust en actief nemen van verantwoordelijkheid heen. Hoe kan dat en hoe zit dat?

Eigenaarschap. Ik kom het begrip tegen bij landelijke, provinciale en gemeentelijke instanties. Bij not-for-profits, maar net zo goed bij multinationals en familiebedrijven. Blijkbaar durft niemand de nek uit te steken als iets misloopt (of kan lopen!), bang om als gevolg hiervan onder de ‘saneringsguillotine’ te belanden.

Mensen maken organisaties. En organisaties maken ook mensen. Tegenover de financiële beloning en persoonlijke groei die organisaties bieden staat een veelheid aan tegenprestaties die men van medewerkers vraagt: aanwezigheid, inzet, uren maken, ideeën genereren en liefst passie voor het werk. Tot zover lijkt het allemaal nog wel te lukken, al neemt de betrokkenheid wel af naarmate de voorgaande begrippen ‘softer’ worden. Aanwezigheid kan je zien en meten, maar hoe doe je dat met ‘passie’?

Hetzelfde geldt voor eigenaarschap. In essentie is dat een heel eenduidig vast te stellen entiteit. Je bent eigenaar of je bent het niet. Toch blijkt het uiterst lastig als zaken complexer worden en meerdere partijen vertegenwoordigd zijn om iets tot stand te brengen, zoals bij de totstandkoming van een beleidsnotitie. Maar soms denk ik dat het managers en/of medewerkers ook heel goed uitkomt als er geen eigenaarschap is.

Case:
De gemeentesecretaris had het nog zo tegen me gezegd: ‘Zorg dat ze de zaal niet kunnen verlaten zonder dat er concrete afspraken zijn gemaakt. Er wordt bij ons al genoeg vergaderd zonder resultaat’. Daar sta je dan twee weken later als externe facilitator voor een groep slimme, welwillende mensen, met hart voor de zaak zoals dat heet. Aardig, intelligent en vriendelijk en ook beschaafd en attent. Maar ja, er moet wel vergaderd worden over een groot ontwikkelproject. ‘We hebben er ons allemaal aan gecommitteerd’ aldus de gemeentesecretaris, ‘tijd om piketpaaltjes te slaan’. En zo gaan we de dag in met alle hoofden van de stafafdelingen en diensten. De managementdag verloopt voorspoedig en rond 3 uur ’s middags liggen er negen concrete acties op tafel. Acties met een belang voor de gemeente die genomen moeten worden om de geconstateerde problemen bij de hoorns te vatten. Alle aanwezigen zijn het erover eens, DIT zijn de kernproblemen en HIER moet aan gewerkt worden. Ik blij, hier heb ik naar toe gewerkt, nu wordt het tijd daadwerkelijk ‘piketpaaltjes’ te slaan. ‘Is er eerst nog even extra tijd voor een korte koffie- en rookpauze voordat we naar de afronding toegaan?’, vraagt plots een van de managers vriendelijk. Er wordt instemmend geknikt. Dus we nemen een kwartiertje. Direct na de pauze leg ik als dagvoorzitter de laatste en in mijn ogen cruciale vraag voor: ‘Wie gaat de afspraken nu opvolgen? Met andere woorden: hoe gaan we nu verder en wie doet wat, liefst ook met een concreet tijdspad? Zodat we met concrete afspraken de deur uit kunnen.’

Plotseling ontstaat er rumoer: ‘Ja maar, we hebben het al zo ontzettend druk’, ‘Daar is onze afdeling nog niet klaar voor’, ‘Ik moet wel om half zes thuis zijn, ik heb een ziek kind thuis’, en ‘Ik heb daar momenteel daar geen mensen voor, ik heb veel zieken’ (N.B. terwijl terugdringen van het ziekteverzuim actiepunt 2 is).

De gemeentesecretaris weet om half vijf genoeg, ‘Tijd voor de borrel’, roept hij vrolijk, waarmee het einde van het inhoudelijk deel van de managementdag is bezegeld. Zelden een zaal zo snel zien leegstromen. Ergo, de deelnemers waren ‘committed’ de dag in te gaan, mee te denken en mee te spreken over de problemen en mogelijke oplossingen. Niet om daadwerkelijk met de oplossingen aan het werk te gaan. De borrel bracht redding. We hieven het glas, we deden een plas, en alles bleef, zoals het….

Zie hier het ontstaan van het probleem van ‘eigenaarschap’. In deel 2 ga ik in op mogelijke oplossingsrichtingen.

Commitment, de belofte van betrokkenheid en bevlogenheid in organisaties. Vergouw

Commitment, de belofte van betrokkenheid en bevlogenheid in organisaties. Vergouw

Bovenstaande voorbeelden zijn ontleend aan mijn boek ‘Commitment, de belofte van betrokkenheid en bevlogenheid in organisaties’ is te koop via de uitgever, de betere boekhandels en managementboek.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *